Heren 3.36 NGF 12 mei 2019
Wordt het nog spannend?
De laatste speeldag mochten wij aantreden op De Stippelberg tegen De Dommel om te proberen klassebehoud te realiseren. Geen kampioenschap hoor ik u denken? Nee dat zat er voor ons helaas niet in. Na een spannende afsluiting vorig jaar werden wij veroordeeld tot een nieuw jaar in de derde klasse van de 36-holes teams, maar in oktober besloot de NGF om ons toch een klasse hoger in te delen. Of wij dit te danken hadden aan fair-play (zou kunnen), onze inzet (zou ook kunnen), of steekpenningen (geen commentaar) laten we maar in het midden.
Geheel tegen de verwachting in hadden wij een wedstrijd gewonnen en werd er dus gerekend of de nummer laatst ons nog kon passeren. Voor de zekerheid speelde een deel van het team een oefenronde op vrijdag. Wow, wat een lange baan. Hé balen, de bunkers liggen hier wel allemaal “in play”. Die zandafgraving naast de baan ligt er zeker om de vele en grote bunkers royaal te kunnen vullen met nat en zwaar zand. “Dit is toch een par 5? Nee Ron, de meeste par 4-tjes zijn hier net zo lang als onze hole 14”. De ervaringen werden gedeeld met de rest van het team en het leek er even op dat we spelers te kort zouden komen ?. Gelukkig wilde iedereen toch bijdragen en was Jaap zelfs voor het eerst van de partij.
De kampioen ontving ons voor een dichte deur, de driving range bestond uit een afgebakend deel van het water van de zandafgraving met floating balls en de berg uit StippelBERG hebben we niet ontdekt. Bunker-berg of slagen-mee-berg zou een meer passende naam zijn geweest. Maar even serieus, het voltallige team verwelkomde ons en onder een winderig zonnetje mochten we van start op een lastige par 3. Op Welderen bleek een start op een par 3 (hole 11) geen succes, maar hier werd de toon gelijk gezet met een kaarsrechte ijzerslag op 2 meter van de vlag in zowel de eerste als de tweede foursome. Helaas waren dit wel de afslagen van de lagere handicappers van De Dommel… van onze kant moesten er al houtjes aan te pas komen. De eerste twee foursomes gingen verloren maar Ron en Jaap brachten tegen een op papier veel sterker koppel de eerste twee punten binnen. Goed voor ons doelsaldo: de opgave voor Amelisweerd werd nu toch wel erg lastig om ons nog te bedreigen. Al snel konden we opgelucht adem halen toen bleek dan zij zonder punten uit de dubbels waren gekomen: wij blijven in de tweede klasse!
Tijdens de prima lunch vroeg Joop nonchalant wie er ’s middags het genoegen had om tegen Martijn te spelen. Enthousiast meld ik mij waarop Joop mij veel plezier wenste en even uitweidde over enkele van zijn afslagen, waaronder een pegel van rond de 300 meter op hole 17. Gelukkig was ik al gewend aan longhitters en werd dit netjes opgebouwd van gemiddeld 230 meter in de eerste wedstrijd naar 240, 250 en nu ??? Tja, misschien kan hij niet putten. Helaas voor mij bleek de rest van zijn spel ook zeer verzorgd en speelde hij “slechts” zeven slagen beter dan zijn handicap. Jammer om dik te verliezen maar als het klasse verschil zo duidelijk zichtbaar kun je alleen maar je best doen genieten van zijn spel. Bizar om te zien dat een ijzer 2 gewoon 230 meter verder op de fairway kan landen en dat die bunkers waar wij best last van hadden voor hem niet in het baanboekje leken te staan.
Joop maakte het zoals gewoonlijk spannend maar kon deze keer niet voor een verrassing zorgen. Hans gebruikte het spreekwoord “een slecht generale….” om sterk spelend een punt binnen te brengen en Emiel had ’s middags ook een remedie gevonden om de baan te bedwingen en bracht ons vierde punt binnen. Net als ik was Ron vol lof over de kwaliteit van zijn tegenstander: een invaller die inderdaad geweldige ijzers kon slaan. Het seizoen voor Jaap was erg ongelukkig. Na een blessure opgelopen in een andere sport miste hij de eerste wedstrijd en ’s ochtend ging hij opnieuw door zijn enkel. Met een grimas besloot hij ’s middags toch aan de start te verschijnen waarvoor zijn tegenstander hem achteraf bedankte zodat hij niet de hele middag op het terras hoefde te zitten. Top gedaan.
Op het terras werd het seizoen onder het genot van een prima biertje, lekker spul dat Ayinger – smaakt naar meer, nog eens doorgenomen. De spelers van het gedegradeerde Amelisweerd kozen zelf voor een aparte tafel in de hoek (“wij kennen onze plaats”) voor het uitstekende diner (al had men een aparte definitie van “ham met meloen” want na de ham-salade werd alsnog een schaaltje meloen bolletjes geserveerd.
De speeches waren gelukkig wat korter dan de vorige keren maar ook nu kwamen “beste competitie ooit” en “leukste teams” (niets van gemeend hoor) weer langs. Het zit erop. We kunnen ons nu richten op de clubwedstrijden, werken aan de deelname eisen voor de competitie van volgend jaar, of gewoon voor de lol de baan in gaan. Want daar gaat het toch vooral om: genieten van dit verslavende spelletje op onze homecourse die er steeds beter bij komt te liggen of in april/mei op vreemde banen. We kijken al uit naar volgend jaar. En Stippelberg? Best een mooie baan, maar mag ik volgende keer van geel spelen?
Namens team 3/36,
Johan
